OTM Belgian Shippers' Council

Belangenorganisatie logistiek - handel en industrie

O.T.M. staat voor Organisatie van Traffic Managers. Zij is de enige organisatie die de
belangen verdedigt van de Verladers, zijnde de bedrijven die voor het vervoer van hun
producten gebruik maken van eigen vervoer of van transportbedrijven.

Speech Banket 2010

2010 was het jaar van de moeizame heropleving uit de economische crisis, het jaar van de Lange Wapper, al dan niet in tunnel- en/of brugversie, van politieke  instabiliteit met Koninklijke verkenners en verduidelijkers,  van de start van de verdiepingswerkzaamheden aan de Schelde, de aankomst van de Duiker en de Kleine Reuzin in onze stad en van het Totaalplan Concurrentiële Haven.

Laat mij even teruggrijpen naar de afgelopen staten- generaal van dit Totaalpan.

Tijdens de voorbereiding en de verdere afwerking van dat Totaalplan is nog maar eens duidelijk gebleken hoe bepalend de Antwerpse expediteur is voor het ladinggenererend vermogen van onze haven.   Het  is  als een open deur intrappen : Antwerpen is een expediteurshaven. Alleen werd dit in het verleden té weinig in de verf gezet. Nu,  of dat  ligt aan de – spreekwoordelijke - bescheidenheid van den Antwerpenaar in het algemeen of van den expediteur in het biezonder, dat wil ik in het midden laten. Tijdens binnen- en buitenlandse  promotiereizen  wordt  meestal  de  nadruk  gelegd  op  de sterke geografische ligging van onze haven, de uitstekende achterlandverbindingen, de hoge productiviteit van de havenarbeiders, enz… maar de meest voor de hand liggende troef werd vaak over het hoofd gezien.  Namelijk het feit dat het aandeel merchant haulage in de haventrafieken een sterk stijgende  tendens vertoont en dat de Antwerpse expediteurs qua containertrafiek alleen al meer dan 2,2 miljoen TEU rechtstreeks controleren. Aan de hand van de VEA-declaration,  die mee zal genomen worden naar buitenlandse promotieacties van de haven,  hebben wij onze rol in die zin willen benadrukken en stellen we dat wij als Antwerpse expediteurs bij voorkeur - en in eerste instantie - boeken bij rederijen die Antwerpen fysiek aanlopen.

Bij de verschillende werkgroepen van het Totaalplan is meer dan eens het belang van onze rol naar voren gekomen.

Eén van de belangrijkste conclusies van de staten- generaal was bovendien dat de haven niet als een afzonderlijke entiteit mag gezien worden maar als een schakel in de hele logistieke keten.

Binnenlandse en buitenlandse verladers kijken immers niet enkel naar de troeven van de haven op zich, maar naar de manier waarop ze hun totale logistieke stroom zo vlot mogelijk kunnen laten verlopen.

Daarin speelt de haven een belangrijke rol maar ook de aanbieders van de achterlandverbindingen, de douaneafhandeling en de aanwezige IT- platformen en port communitysystemen.

Het is bij deze facilitering van de goederenstromen en de organisatie van de ganse logistieke keten dat de expediteur een belangrijke  factor is, een rol die hij als logistiek consulent in de toekomst nog meer zal  opnemen door voldoende in te spelen op de wensen van de verladers en door met hen – als partner -  mee te  denken om hun logistieke stromen zo efficiënt en zo groen  mogelijk te organiseren.

Naast verschillende concrete  realisaties die uit de 10+1 werkgroepen zijn voortgevloeid en waartoe we als VEA actief ons steentje hebben bijgedragen, is er de intense samenwerking ontstaan tussen de privésector – Alfaport Antwerpen en haar verschillende ledenorganisaties -  enerzijds en de publieke sector,  het GHA anderzijds.

Dit is  mijns  inziens één van de belangrijkste verwezenlijkingen.

ik roep alle aanwezigen  hier vanavond dan ook graag op om op de ingeslagen weg verder te gaan met in ons achterhoofd steeds het (gemeenschappelijk) belang dat wij aan onze antwerpse  haven hechten.

Uit de recente trafiekcijfers van het Havenbedrijf hebben we kunnen concluderen dat het met de containertrafieken in onze haven opnieuw de goede richting uitgaat en dat we opnieuw het niveau van vòòr de crisis hebben bereikt.

Bij de presentatie van de jaarcijfers door de Nationale Bank van Belgie werd de nadruk gelegd op het economisch belang die de Vlaamse havens hebben.

Tijdens de uiteenzetting van Jan Blomme (hoofdadviseur van het GHA) op diezelfde presentatie van de jaarcijfers,  vernamen we eveneens dat uit een recent uitgevoerde studie door het GHA  - in samenwerking met de NBB  -  gebleken is dat de toegevoegde  waarde  bij containers vele malen hoger ligt dan in het verleden steeds werd voorgehouden.

Dit is uiteraard een positieve vaststelling en tevens toont dit aan dat onze haven ook in de toekomst moet blijven investeren in voldoende infrastructuur voor – onder andere - de containerbehandeling.

In het licht hiervan hopen we dan ook dat onze Nederlandse collega’s geen nieuwe vertragingsmaneuvers zullen opdiepen...     bij het zoeken naar alternatieven voor de ontpoldering van de Hedwigepolder en roepen wij onze politieke verantwoordelijken op om nauwlettend te blijven toezien op de verplichtingen van Nederland in dit belangrijke dossier.

Heel wat minder rooskleurig – of moet ik zeggen catastrofaal - is het gesteld met de cijfers van het conventioneel stukgoed in onze haven.

Dat de toegevoegde waarde van de containerbehandeling aanzienlijk hoger ligt dan  gedacht is één zaak maar dit kan onze ernstige bezorgdheid niet wegnemen over de  moeilijkheden die we ondervinden op het gebied van het conventioneel stukgoed, het conventioneel stukgoed namelijk waar de toegevoegde waarde nog eens vele malen hoger ligt.

Wij zijn ons ervan bewust dat in het kader van het Totaalplan ernstige inspanningen worden geleverd om ook hiervoor de nodige oplossingen te vinden en wij hebben hier ook alle vertrouwen in.

Maar bovenal hopen wij dat de 11e werkgroep in de 10+1 werkgroepen van dit Totaalplan, de 11e werkgroep dus die zich bezig houdt met arbeidsorganisatie, op korte termijn met nog veel meer positiever nieuws naar buiten kan komen, dan met wat we nu hebben gekregen.

Of gaan we misschien zitten wachten - zoals Job op zijne mesthoop  - tot dat de derde Port Package er aan komt ?

Langer wachten is dus echt geen optie meer.

De Rotterdamse haven heeft kortgeleden nogmaals duidelijk te kennen gegeven dat het de Europese marktleider wil worden voor de import van eind- en halffabricaten van staal, evenals een leidende Europese haven voor de export van eindfabricaten van staal en zware- en projectlading.   In Rotterdam werd recentelijk - en wordt momenteel nog steeds - circa €100 miljoen geïnvesteerd in de overslag van breakbulk zoals staal en projectlading.

Het mag dan ook duidelijk zijn dat als we nu niet handelen, het wel eens definitief te laat zou kunnen zijn.

Geachte vertegenwoordigers van de douane,

Beste  Jan,…

Ik heb met U te doen, want U zit hier als enige vertegenwoordiger van de Belgische Douane en ..

Ter vergelijking ; in Rotterdam – een kleine 3 weken geleden – op het feestmaal van de Nederlandse Expediteursvereniging Fenex - waren er 5 paar douaneschouders die dit konden dragen.

Inderdaad was aldaar aanwezig Dhr. Roovers – de Nederlandse evenknie van onze Mr. Colpin – met zijn 4 Regiomanagers.  En dit in vol ornaat, dus in galauniform, met al de nodige mayonaise vandien.

Jullie voelen mij waarschijnlijk al aankomen maar het hoofdstuk douane is inderdaad aangebroken in de jaarlijkse voorzitterspeech, maar als het een troost mag wezen, in Rotterdam was het niet anders.

Daarom dat ze er met vijven van de Douane waren misschien...?

Blijf  dus allemaal maar rustig zitten, drink nog eens van uw glas  en aanhoor al onze lofbetuigingen…

En Jan, ja sorry maar U gaat de volgende litanie dus helemaal alleen op uw schouders moeten buitendragen.

Here we go...

2010 is het jaar waarin het Nationaal Forum actief van start is gegaan, met nieuwe structuren, nieuwe werkgroepen en dit alles in een volledige gelijkwaardigheid tussen private sector en douane.

Zo wordt elke commissie, elk subcomité of elke werkgroep binnen dat nationaal forum voorgezeten door iemand van de douane en een afgevaardigde  van de handel om op die manier de voortgang van de werkzaamheden mee te kunnen bewaken.

Wij hebben als VEA / CEB deze kans met beide handen aangegrepen en zijn erin geslaagd om ons sterk te profileren  binnen dit nationaal forum door  talrijk vertegenwoordigd te zijn in  al de verschillende werkgroepen.

Meer nog : we zijn erin geslaagd om vertegenwoordigers van VEA / CEB  te plaatsen op verschillende strategische posities.

Zo is Jan Van Heukelom (Umicore) co- voorzitter van het strategisch comité van het Nationaal Forum, Jef Hermans (Portmade) co- voorzitter van het subcomité operations management, Paul Peeters  (Remant) rapporteur van de Werkgroep PLDA/NCTS en Olivier Schoenmaeckers rapporteur van de Werkgroep AEO.

Ik wens niet alleen déze mensen te danken voor hun actieve inzet maar ook de vele andere deelnemers van onze douanewerkgroep die zich telkenmale belangeloos vrijmaken om te zetelen in deze commissies en ervoor te zorgen dat de ganse gemeenschap kan meegenieten van hun kennis en know how en van de oplossingen die zij aanreiken.

Naast verschillende concrete voorstellen en realisaties die inmiddels uit dit Nationaal Forum zijn voortgekomen, is wellicht één van de meest strategische verwezenlijkingen de band en de samenwerking die is ontstaan tussen de haven en haar verschillende dienstverleners enerzijds en de klanten van de haven, industrie en verladers anderzijds.

Over de verschillende belangenorganisaties heen (VEA, CEB, Alfaport, Essencia, VBO, UWE / VOKA-VEV …) is uiteindelijk iedereen zich meer dan ooit bewust geworden van het belang van een goed functionerende douane voor onze Vlaamse en Belgische economie.

Van zodra we uitzicht hebben op een nieuwe federale regering kunnen we als 1 gezamenlijk front de politiek  wijzen op haar verantwoordelijkheden in dit dossier.

Om nog een laatste woord over het Nationaal Forum te zeggen, wil ik nog een duidelijke oproep doen naar de verantwoordelijken bij de douane om ervoor te zorgen dat zij de dynamiek die langs de kant van de handel tijdens de voorbije maanden is ontstaan evenwaardig en met voldoende kennis en personeel beantwoorden.  Momenteel bestaat nog te vaak de frustratie bij de vertegenwoordigers van de handel dat bij gebrek aan personeel en visie bij de Douane in bepaalde dossiers veel te lang op concrete resultaten gewacht moet worden.

Als VEA blijven wij het belang van een goed werkende douane voor onze leden meer dan ooit beseffen en garanderen wij u dat mankracht noch middelen worden gespaard om ervoor te zorgen dat onze bedrijven competitief kunnen blijven binnen de EU.

Zo hebben wij in samenwerking met Portilog en met de mensen van de Gewestelijke Directie Antwerpen 2 verschillende AEO- begeleidingstrajecten opgestart om ervoor te zorgen dat VEA leden op een vlotte en efficiënte  manier hun certificaat van authorised economic operator kunnen behalen.  Gedurende 5 sessies, die gespreid zijn over verschillende maanden, begeleiden specialisten van de douane en van de private sector u doorheen de selfassessment procedure en zorgen ervoor dat u na afloop klaar bent om uw AEO- aanvraag in te dienen.  Om het belang van dit AEO- statuut nogmaals te ondersteunen heeft de VEA bovendien beslist om aan de leden die binnen het jaar na het beëindigen van de sessies erin slagen om een AEO certificaat te behalen, een financiële tegemoetkoming te doen in hun opleidingskosten.   Vandaag de dag zijn er nog teveel expediteurs en douaneagenten die zich blindstaren op het ontbreken van voordelen voor AEO bedrijven op de korte termijn.

Hoewel hier momenteel druk aan wordt gewerkt en – hopelijk - binnenkort ook effectief voordelen in de praktijk zichtbaar zullen worden, roep ik nogmaals op om te kijken naar het belang dat aan AEO wordt gegeven onder het nieuwe communautaire douanewetboek.

Om in de toekomst te kunnen optreden als douanevertegenwoordiger voor derden, om gebruik te kunnen maken van centralised clearance en selfassessment en om op die manier competitief te kunnen blijven op het Europese toneel is het onontbeerlijk dat u beschikt over een AEO- status.

Wij zullen in januari aan de leden die zich nog niet hebben ingeschreven voor de AEO- begeleidingstrajecten een nieuwe kans bieden met nieuwe sessies.

AEO is slechts 1 van de vele belangrijke E- customsprojecten die gedurende de komende jaren op ons afkomen en die een zeer belangrijke concurrentiële impact zullen hebben op onze  sector van expediteurs en douaneagenten maar eveneens op de haven en de logistiek in haar geheel.

Ik durf hier vandaag te stellen dat wij als VEA/CEB één van de eerste beroepsorganisaties waren die het concurrentieel belang van deze projecten ingezien hebben.

Wij hebben in diverse strategische nota’s onze politieke verantwoordelijken evenals bij de verantwoordelijken van de douane opgeroepen om alles in het werk te stellen opdat België  tijdig klaar zou zijn om deze projecten als eerste en beste leerling van de klas in voege te laten treden.

Het is uitermate belangrijk dat onze bevoegde overheden ervoor zorgen dat deze projecten tijdig worden geïmplementeerd – en dat ze ook werken - en op die manier een concurrentieel kader creëren voor onze bedrijven.

Jan, dat was het, eigenlijk valt het nogal mee niet ?

NU,  minstens even belangrijk is dat wij, dienstverleners, haven en industrie evenzeer klaar zijn om de voordelen en bedreigingen van deze douane-gerelateerde projecten in te zien en ze in ons voordeel om te buigen.

Met dit in het achterhoofd hebben wij als VEA in samenwerking met Alfaport Antwerpen het initiatief genomen om een studie te laten uitvoeren door gespecialiseerde douaneconsultants over het belang van deze E- customsprojecten voor onze sector.

Tijdens het strategisch seminarie dat deze week  maandag werd georganiseerd en met een 200-tal aanwezigen een groot succes kende,  hebben we aan de verschillende spelers in de haven een aantal denkrichtingen willen aanreiken die zij kunnen gebruiken om hun bedrijf en activiteiten te heroriënteren. En er op die manier voor te zorgen dat zij de concurrentie kunnen blijven aangaan met dienstverleners in ons omringende havens en in goedkope loonlanden in onder andere Oost Europa. Wij zijn er van overtuigd dat dergelijke seminaries en opleidingen cruciaal zijn in onze sector, waar de menselijke factor vaak nog het verschil maakt.

Uit een analyse die door het Belgisch Instituut van Transportorganisatoren (BITO) werd uitgevoerd is gebleken dat het belang van opleidingen in onze sector vanaf 2003 sterk is toegenomen: het aantal werknemers die een opleiding kregen, steeg met 28% en het aantal uren opleiding steeg maar liefst met 75%.

Het is alvast onze intentie om als VEA de komende jaren sterk op deze vraag en de verwachtingen van de bedrijven in te spelen. Nog te vaak horen wij van de bedrijven dat de elementaire kennis van ons beroep, zoals de waarde van de B/L, de FOB 51, het laat- volgen, enz.   vandaag de dag bij vele jongeren ontbreekt. Ligt dat aan de leerstof die ze op de scholen krijgen en aan de bedrijfsinterne opleidingen, aan de jongeren zelf,   of aan  nog iets anders. O is het misschien  een combinatie van dit alles,  het zal wel. Maar, er moet absoluut iets aan gedaan worden.

Want een paar weken geleden stond er in de Standaard dat we vanaf 2012 een vloedgolf  gaan krijgen van mensen die van hun – al dan niet – welverdiend pensioen zullen gaan genieten.

De vergrijzing in onze maatschappij die evenzeer in onze logistieke sector speelt, maakt dat het meer dan ooit noodzakelijk is om in te zetten op een goede opleiding van onze jonge mensen.  NU AL – want wachten tot 2012 zou een fatale vergissing kunnen zijn. Samen met Portilog en onze collega- organisaties zullen wij hiervoor het geschikte kader creëren.

Zo ook organiseert VEA in samenwerking met het GHA volgende week 15/12 een infosessie over de mogelijkheden die het spoorvervoer en de binnenvaart u kunnen bieden bij de keuze van de ideale transportmodus.  Het is immers de taak van de expediteur en logistiek dienstverlener om in te spelen op de verwachtingen naar co- modaliteit,   het optimaal benutten van de hinterlandverbindingen en de toenemende bewustwording bij verladers en industrie omtrent duurzaamheid.

Geachte aanwezigen, jullie hebben onlangs gezien dat VEA een nieuwe website heeft gelanceerd.

Via deze interactieve site willen wij u in de toekomst op de hoogte houden van alle actuele informatie omtrent expeditie, douane, logistiek, opleidingen en activiteiten, die u kunnen bijstaan bij uw dagdagelijkse werkzaamheden.

Zo kunnen wij u verder ook melden dat wij met het bestuurscomité van VEA zeer actief bezig zijn met een strategische oefening om uw belangen – de belangen van onze leden en van onze sector - in de toekomst nog beter te kunnen dienen en zullen wij de volgende maanden verschillende initiatieven nemen om VEA nog meer op de kaart te zetten als hét aanspreekpunt voor expeditie, logistiek, douane en alle transportgerelateerde issues.

Ik zou het ook nog kunnen hebben over thema’s zoals

Duurzaamheid versus Price Squeezing of over

Te lange betalingstermijnen

En nog vele andere zaken meer, maar ga dat niet doen.

Best dat ieder voor zich daar maar eens over nadenkt en met zijn tafgelgenoten bedisselt.

Jawel we zijn er bijna,

Tot slot een hartelijk en welgemeende dank aan de mensen van het bestuurscomité van VEA, de leden van de verschillende werkgroepen en commissies binnen VEA en de medewerkers van het secretariaat voor hun actieve inzet in het belang van ons allen.

Rest mij u verder nog een zeer aangename avond te wensen en straks bij de oproep van Schepen Philip Heylen voor de sponsoring van een handje op het MAS spontaan uw portefeuille boven te halen en te laten zien dat de Antwerpse expeditiesector een rijke sector is.

Of dit letterlijk of figuurlijk te nemen is,  laat ik graag aan uw verbeelding over.

O.T.M Partners

uw logo

dhl logo

uw logo

logo remant onderaan web300x135

descartes logo

bccl logo

get logo

stream logo

logo easyfairs nieuw kl

logo qatar kader

DP World Antwerp 2017 web

ziegler logo

Xeneta Logo Kl j

rotra logo

logo timocom partner

uw logo

tlhub logo

transportandlogisticsantwerpen1